Ziel

zwerm

Eergisteren was zo’n gruwelijk lege zondag zonder reden van bestaan. Godvergeten twijfel overal, maar nergens een mens te bekennen, behalve aan de overkant van de straat drie meisjes van een jaar of zeventien waarvan er één opeens riep: ’Ziel!? Wat is dát? Wat héb je daar aan?’ Ze ging voor haar vriendinnen staan en vroeg het nog eens: ‘Zíél..!?’
Echt waar.
Ze had een Marokkaans accent. Dat doet er verder niet toe, ware het niet voor haar ‘z’. Ik kom oorspronkelijk uit Amsterdam, dus ik heb helemaal geen ‘z’ en ben dus al snel jaloers op om het even welke ‘z’, maar de ‘z’ van ‘ziel’ die dat meisje in de lege straat losliet, was echt helemaal geweldig. Hij kwam als een zwerm bijen uit haar omhoog, zwol van een zucht naar een nijdige schreeuw (zchreeuw!) om daarna zacht na te galmen tussen de stille huizen.
‘Zzziel!’
Een verlengde ‘z’. Daar had ik iets over gelezen. ‘Ziel’ is gewoon ziel, maar ‘Zzziel’ is de ziel. Wat het hele voorval een diepere betekenis gaf.
Dacht ik. Ik stond er zeker een halve minuut ademloos naar te luisteren, alsof ik hoopte die betekenis zich op een of andere manier aan me zou openbaren. Ik raad u af om zoiets te doen, want het is raar en al snel verdacht. Zeker als je een man van 58 bent. Maar goed, ik kon moeilijk naar de overkant lopen om er eens met haar over van gedachten te wisselen. Om een of andere reden had ik het gevoel dat zoiets helemaal slecht af zou lopen. Ik zou niet uit mijn woorden komen en zij zou wat ik wel zei als een belediging interpreteren. Ik was immers ook al verward blijven staan om naar haar ‘z’ te luisteren alsof ik stemmen hoorde, wat feitelijk ook zo was, maar zodra ik dat aan haar ging uitleggen, zou ik het vast en zeker niet veel later tegenover haar grote broer moeten herhalen, die alles nog verkeerder zou begrijpen.
Vertel mij wat. Ik heb mijzelf veel te vaak voor schut gezet.
En ik heb een veel te goed geheugen. Dat is ook een last hoor. Neem mijn sneue gestamel van 42 jaar geleden tegenover Jeanette van den Boeijkamp die ik wilde vragen of ze met mij naar het schoolfeest wilde gaan… de herinnering aan die scène komt zeker één keer per maand zo levendig mijn gedachten binnen dat het zweet me weer uitbreekt. Jeanette had ook een broer, trouwens. Die me de volgende dag namens haar op mijn gezicht kwam slaan. Geen woorden maar daden, daar is soms ook iets voor te zeggen (no pun intended).
Goed, terug naar dat meisje en de ziel. Waarom die vragen over de ziel? Zag ze voor zichzelf het nut van een ziel niet of vond ze een ziel in het algemeen – de ziel dus – onzin? Grote vragen, waar zo ongeveer iedere zichzelf respecterende filosoof wel eens zijn/haar hoofd over had gebroken. En nou ik dus ook. En dat meisje.
Op een zondagmiddag in de Kanaalstraat.
Het moet niet gekker worden.
Werd het wel.
Ze bleef staan en riep: ‘Hé, oude man! Ja, jij met je baard. Wat kijk je? Heb ik iets van je aan of zo?’
Dat leek me sterk. Dus ik schudde mijn hoofd.
Grappig.
Vonden haar vriendinnen.
‘Die hoed zou je best wel staan,’ zeiden ze. Ik schudde weer mijn hoofd. Niemand krijgt mijn hoed. Ook een meisje dat heel mooi “Zzzziel?!’ kan roepen niet.
Ze liet haar vriendinnen giechelen.
‘Nou, wat kijk je?’ herhaalde ze.
Hm… Ik moet echt eens leren te liegen. Ik had gewoon ’Niks’ moeten zeggen en met afgewend hoofd naar huis moeten lopen, maar in plaats daarvan bleef ik onbeholpen staan om te zeggen dat ik naar haar ‘Ziel?!’ had geluisterd.
‘En?’
‘Huh?’
‘Heb je ook een antwoord?’
Even ter herinnering, dit speelde zich allemaal op een grauwe zondagmiddag in de Kanaalstraat af, zij met haar vriendinnen voor de schoongeboende winkel van paardenslager van Beek en ik aan de andere kant van de straat ter hoogte van ‘afhaalcentrum Baraka’.
Ik zei toch dat het gekker zou worden?
‘Je ziel, dat ben je zelf’, zei ik. Kan zo op een tegeltje. En dan een foto daarvan op LinkedIn.
‘En wat moet ik ermee?’ (Met haar ziel, bedoelde ze, niet met het tegeltje.)
‘Gewoon, je leven leiden.’
Riep ik in de lege straat, dus eigenlijk met een ‘!’
Hilarisch, bij nader inzien.
‘Dat kan ik wel,’ zei ze.
Ik knikte, want dat leek mij ook. Ze lachte.
‘Bedankt!’
Gekker kon echt niet, dit was opeens mijn mooiste zondagmiddag in jaren.
Ik nam mijn hoed af en groette haar.

Plaats een reactie

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.