
Mensen vroegen mij vaak ‘goh, René, jij van beleid, wat doe jij eigenlijk om te ontspannen? Want de hele dag notities schrijven, dat gaat ook niet in je kouwe kleren zitten, toch?’
Nee, mensen, dat is zo. En ik antwoordde dan altijd: ‘hardlopen’.
Dan knikten ze, de mensen, want hardlopen, dat weet iedereen, is echt heel erg goed om alles van je af te laten glijden. Verstand op nul (0) en de paden op, de lanen in. Pfoe, da’s genieten hoor.
Eh, nee.
Dat hardlopen hielp (híélp, verleden tijd) mij wel om dagelijkse beslommeringen te vergeten, maar vooral omdat ik altijd wel ergens geblesseerd was en dáár dan aan moest denken. Zodra ik mijn hardloopschoenen aandeed, begon ik mij zorgen te maken over alles wat pijn zou gaan doen.
En ik ben heus niet kleinzerig. Vroeger (nog verledener tijd) heb ik me door van alles en nog wat heen gebeten om persoonlijke records te halen, dus ik kan echt wel wat hebben. Maar dat was dus 30 jaar geleden. Ik was 28 en kon de hele wereld aan, inclusief een lijf dat ik iedere dag afmatte alsof het niet van mij was. Had ik dat maar niet gedaan, want nu neemt het wraak met hele sneue kwaaltjes waar ik de godganse dag aan moet denken, ook als ik niet probeer hard te lopen.
Dat is dus geweldig om al je andere muizenissen te vergeten.
Hm, nou lieg ik. Het is de kat wegdoen om je door de hond te laten bijten.
Het duurde even voordat ik dat doorhad.
En stopte met hardlopen.
‘Ga wielrennen,’ zei een collega, ‘da’s veel mooier. Man als je ’s morgens over zo’n dijk raast, weet je niet eens meer hoe je stress moet spellen! En nooit meer één blessure gehad.’
Dat bleek allemaal waar. Fietsen is geweldig.
Op één ding na, de fiets. Daar heb ik al eerder over geschreven. Zie hier.
Nu heb ík geen blessures, maar mijn fiets.
Als het ware.
Er is altijd wel wat.
Meestal een geluidje. Ergens. Iets wat ratelt, tikt of piept.
Wielrenners hebben daar een hekel aan. Een fiets moet ‘rammelvrij’ zijn. Het is een ziekte. Rammelkoorts. De eerste keer dat ik op mijn fiets wegreed, had ik het op de hoek van de straat al te pakken. Er is geen ontkomen aan.
Net als de andere ziekte: overgewicht. Van de fiets dan. Een fiets moet altijd lichter. Ik heb ook geprobeerd mij dáártegen te verzetten, want wat is nou een onsje meer of minder, maar voor ik het wist, stond ik in de keuken mijn zadel te wegen (235 grammen!). Het enige dat me ervan weerhoudt om de lichtste fiets ter wereld samen te stellen, is mijn budget.
En mijn moraal. Ik bedoel, €479,95 voor een paar ceramische derailleurwieltjes, dat zou strafbaar moeten zijn.
Vind ik.
Net als een paar sokken voor €63,- Cashmere sokken! Voor op de fiets! Hoe bizar is dat?
Wat me op de derde ziekte brengt. IJdelheid. Toen ik eens in een winkel fietsschoenen wilde gaan kopen, was de eerste vraag die de bediende mij stelde: welke kleur heeft uw fiets? Nou ben ik echt neurotisch wat matching colors betreft, maar die vraag schoot me in het verkeerde keelgat.
Ja, ik ben van beleid, hè. Mijn uitgangspunt is: vorm volgt functie, en voordat u meteen met tegenvoorbeelden komt, die regel overtreed ik wel eens. Ik heb helaas wel eens beleid verzonnen waar de vorm belangrijker bleek dan de functie.
Mea culpa.
Heb ik wel van geleerd. Dus sindsdien alleen beleid dat ergens goed voor is (geen knellende schoenen die mooi bij een fiets kleuren). Hou me daaraan! Ik moet maar eens een paar neurosen afleren.
Fouten, bedoel ik.
Da’s ook ontspannen. Stilstaan bij wat je beter niet kunt doen. Wat me weer terugbrengt bij het begin van deze blog, met de conclusie dat snelheid niet hetzelfde is als vooruitgaan. Kan zo op een tegeltje (en daar dan weer een foto van op LinkedIn). Het motto van Facebook was lange tijd move fast & break things. Zijn ze van teruggekomen.. Want het ging helemaal niet fast.
Wel kapot.
Kan ik over meevertellen, dus. Het gaat een tijdje goed, tot je met een gescheurde kuitspier zit te janken in de berm, of 63 kilometer lang uit je zadel moet omdat de rail is gebroken.
Fast kan beter. Ik pleit voor snelheid met beleid.
Move fast en make things. Met de nadruk op make. Dingen dóén.
Geen notities meer schrijven, da’s ook lekker rustig hoor.
Ipv altijd maar doorhollen of doorjagen op het fietspad, zou ik zeggen sta maar stil en kijk om je heen. Of help eens iemand met oversteken.
LikeLike