Met

Cavia legde de krant neer en zei: ‘nou, het Nederlandsche Genootschap voor Eufemismen heeft het woord ‘met’ op haar officiële woordenlijst gezet.’

‘Met?’ vroeg ik.

‘Ja, man! Met! Echt heel handig om niet te zeggen waar het op staat! Als je mensen wilt labelen maar ook weer niet.’

‘Oh? Ik dacht dat labelen politiek incorrect was…’

‘Dat bedoel ik juist! Het is labelen voor wie niet wil labelen.’ Ik keek Cavia glazig aan. Die zuchtte. ‘Okay, een paar voorbeelden: mensen… met een niet-westerse achtergrond; met overgewicht; met ervaringsdeskundigheid; met een (lichamelijke/psychische) beperking; met een hulpvraag; met een verhoogde (psychische) kwetsbaarheid; met een afstand tot de arbeidsmarkt, met een naderend levenseinde.’

‘Oh, ja, nou snap ik je! Dat ik dat niet eerder heb gezien! Wat heb je aan die termen?’ Cavia knikte.

‘Wat denk je van die laatste?’ zei die. ‘Iederéén is een mens met een naderend levenseinde! Jij ook!’

Tja, dat is zo. Maar eh… (ik richt me nu tot mijn lezers): U dus ook. Sorry. Dacht u leuk weer eens een blog van mij te lezen, kom ik met zoiets. Vergeet het. En lees vooral door.

Nog een eufemisme om gek van te worden: ‘mensen met een lastigere uitgangspositie’. Of een uitgangspositie lastig is, lijkt me afhankelijk van wat je wilt bereiken. Als het om de opleiding voor jongleurs gaat, dan heb ik een lastige uitgangspositie. Gaat het om lidmaatschap van de internationale coalitie voor zenuwlijders, dan maak ik een kans. Trouwens, het gaat om een lastigere uitgangspositie. Lastiger voor wie? Of lastiger dan wat? Kennelijk is er een een norm.

‘Oh, die is er altijd,’ zei Cavia, ‘check dat lijstje nog maar eens, in iedere term hebben ze een norm verstopt.’

Inderdaad.

Ik dacht aan verwarde personen. Die waren op een dag ineens ‘personen met verward gedrag’.

Dus personen zijn zelf niet verward, maar hun gedrag. De gedachte erachter is dat mensen meer zijn dan ‘hun’ ‘probleem’ – ja, beide woorden tussen aanhalingstekens, want ik vraag me af: gaat het wel om hún probleem en is het eigelijk wel een probleem? Hoe dan ook, de verwarring is kennelijk een eigenschap. Een label dus. Wat schieten we met dit verschil op? Ik in ieder geval niets. Dat leg ik uit. Met mijzelf als voorbeeld.

Ik gedraag me regelmatig verward (besef ik achteraf), en ben dan dus iemand met verward gedrag, maar soms bén ik dan ook verward. Andersom gedraag ik me wel eens verward, terwijl ik dat dan niet bén. En nóg eens andersom, ik heb in mijn leven heel erg goed geleerd om níét verward te doen terwijl ik (in mijn hoofd) wel degelijk verward ben. Camouflage heet dat. Zenuwslopende en bij nader inzien treurige strategie om me door het leven te slaan.

Oh, dat is een beetje somber. Vergeet het. Of nee, bedenk erbij dat het vaak ook hilarisch was/is. Of dat ik er in ieder geval hilarisch over kan vertellen. Zie al mijn andere blogs. Die zijn mijn redding. En waarschijnlijk onderdeel van de strategie, maar dat mag de pret niet drukken. Ik moet wat.

Het kan nog ingewikkelder. (Ik ben nu weer terug bij mijn vertoog over ‘met’.) Namelijk door de term te ontdoen van regelrechte betekenis. Een nieuw en beter eufemisme. Kennelijk was ‘met verward gedrag’ nog niet vaag genoeg. Dus werd de term: ‘met onbegrepen gedrag’.

Huh?

Wie begrijpt dan welk gedrag niet?

Als ik verward ben, dan is het vooral omdat ík het léven en de wéreld niet begrijp, inclusief alle mensen daarin. Dus ík zou dan zeggen: alle andere mensen zijn mensen met onbegrepen gedrag.

Maar dat dat is de bedoeling van die term niet. De persoon die verward is en/of doet, is altijd degene begrepen of niet begrepen wordt. Het doet er kennelijk niet toe of die zelf begrijpt of niet. Het zijn altijd de anderen die begrijpen, of niet.

Welke anderen? De mensen die de term hebben bedacht! Die bepalen dus de norm. Nogal uit de hoogte, toch? Trouwens, dát ze een naam geven is al uit de hoogte natuurlijk. Blijkbaar hebben ze de inbeelding dat ze zomaar namen aan anderen kunnen geven. Oké, ik geef toe dat het zonder namen voor alles wat er in de wereld is, allemaal wel erg ingewikkeld wordt. Maar waarom dan namen die precies níét doen waar ze voor bedoeld zijn, namelijk zeggen waar het om gaat?

Tja… in een eerdere versie van deze blog volgde op dit punt een hele bijdehante verhandeling waarmee ik verklaarde waarom mensen dat soort woorden gebruiken. Die heb ik dus geschrapt. De verhandeling, bedoel ik. Ik werd namelijk steeds bozer en bozer en dat is voor u ook niet gezellig om te lezen.

Waarom werd je dan boos, hoor ik u al vragen. Dat wilde Cavia ook wel eens weten.

‘So! Waar kwam dat opeens vandaan?’ vroeg die toen ik uitgeraasd was en het zweet van mijn voorhoofd wiste.

Ik wist het niet.

Ik moest wel opeens aan een van m’n laatste sessies in het revalidatiecentrum denken. Ik kreeg een nieuwe uitvinding aangemeten om mijn verlamde arm en hand in de goede stand te krijgen. Te dwingen, eigenlijk, want als je die zomaar een beetje laat hangen, krijg je een verdraaide arm met aan het einde een of andere reuzen vogelklauw.

Toen ik na een half uurtje sjorren opgetuigd voor de fysiotherapeute, ergotherapeute en de uitvinder zelf stond, glimlachten ze. Verbaasd, blij verrast, onder de indruk. ‘Dit is gewoon de normale natuurlijke houding!’ zeiden ze.

Ik staarde naar mezelf in de spiegel. Ook verbaasd. Over mijn weerzin.

‘Dit wilde je toch? vroeg Cavia.

Was dat zo? Ik wist het niet meer. Ja, ik had besloten dat ik alles zou proberen om te revalideren. Maar nu opeens vond ik het wel genoeg. Waarom had ik dat eigenlijk besloten? En wat voor een raar woord is revalideren eigenlijk? Ik zou natuurlijk nooit meer normaal worden, dus waarom al dit gedoe?

En eh… nu ik er nog eens over nadacht… ik wílde helemaal niet meer normaal zijn. Ik wilde gewoon abnormaal zijn.

Oh! Die twee woorden zette ik zonder na te denken achter elkaar: gewoon abnormaal. Dat zou mooi zijn!

Met verdraaide arm en aan het einde een of andere reuzen vogelklauw.

Plaats een reactie

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.