Stilte

Als u aspiraties heeft om ooit sportjournalist te worden en hoopt om op een dag de Olympische Spelen te verslaan, dan heb ik een tip voor uw interview met de atleet (m/v) die zojuist over de streep is gekomen (glimmend van het zweet, rood gevlamd hoofd, misselijk, happend naar adem, het huilen nabij, volslagen van de wereld, midden in een bijna dood ervaring), vraag dan: ‘besef je het wel echt?’

Of iets van gelijke strekking, zoals: het moet zeker nog indalen? Je gelooft het nog steeds niet, hè? Dit doet wat met je, hè? Begrijp je dit van jezelf? Et cetera. Of natuurlijk de alles omvattende vraag: wat is er (in hemelsnaam) gebeurd?

Ik vind dit allemaal nogal domme, volstrekt overbodige, ridicule en respectloze vragen.

Zulke vragen zouden verboden moeten worden. Want waarom moet degene die (net niet) gewonnen/verloren heeft, vertellen wat er gebeurd is?

Het is allemaal al aangrijpend en ontroerend genoeg, toch?

Nee, kennelijk niet. De man of vrouw die (net niet) heeft gewonnen/verloren moet dat namelijk ook nog even zelf navertellen. Zodat we echt alle greintjes emotie in beeld te krijgen. En als het even kan, met onze neus erop en meteen na de finish. In plaats van iemand even op adem te laten komen, gaat zo’n verslaggever triomfantelijk bij de eindstreep zitten te wachten op een van verbazing, verdriet, en/of vreugde hyperventilerende/huilende/hallucinerende sporter (m/v) die dan anderhalve minuut na de race aan hem moet uitleggen ‘hoe dít in vredesnaam kan…’

Een van de commentatoren in de studio ging na zo’n mensonterende confrontatie tussen collega-journalist en sporter doodgemoedereerd uitleggen wat hij en zijn collega’s met hun analyses proberen te ‘duiden’. Het ging, hou u vast, over de verschillen tussen de één die harder liep dan de ander en de ander die dan dus langzamer liep dan die ene. Hoe dat kan. En dan de details daarvan, om precies te zijn, want het ging namelijk om de details, ‘die maken de verschillen’.

Goh.

Alsof het al niet erg genoeg was dat zijn collega aan de andere kant van de wereld iemand had geïnterviewd die niet eens meer op zijn benen kon blijven staan, die letterlijk en figuurlijk uit beeld verdween, maar terwijl hij op de grond zakte toch nog de vraag kreeg of dit er dan bijhoorde, dat je sterretjes zag… (pas de allerlaatste vraag was: gaat het wel goed, wil je wat water?)

Waarom moet iemand beelden en geluiden die voor zich spreken toch nog uitleggen? We zitten er tegenwoordig al zo dicht bovenop dat ik de neiging krijg om mijn ogen neer te slaan omdat ik het te intiem vind en dan komt er een meneer (het zijn bijna altijd meneren) van de tv en die verklaart over de beelden heen in alle ernst dat de atlete haar eigen race heeft gelopen maar dat ze niet door de verzuring heen kwam. Of juist wel. En dat aan alles te zien is wat zij de afgelopen jaren allemaal heeft meegemaakt, wat zij heeft moeten doen en laten om hier te komen. Enzovoorts. Hij kiepert ter lering en vermaak de hele doopceel van de hardloopster over de kijker uit. Terwijl zij zelf naar de microfoon staart en probeert om ondanks desoriëntatie en uitputting niet over te geven aangezien ze het hele verhaal op verzoek van de verslaggever ook zelf nog eens moet bevestigen. In geuren en kleuren graag.

Het lijkt wel alsof we (de kijkers) niet gewoon zelf mogen kijken en er van mogen denken wat we willen. Alsof we niet zelf mogen bepalen wat ons aangrijpt en ontroert. Laat ik voor mezelf spreken, ik wil huilen wanneer ik dat wil, niet wanneer een of andere analist mij uitlegt waarom ik moet huilen. En ik wil al helemaal geen emoties opgedrongen krijgen als degene om wie het gaat liever niet in beeld komt, laat staan om te vertellen wat er gebeurd is.

Eh… Nu ik dan toch zo openhartig ben wil ik ook wel vertellen dat ik om muziek huil. Helemaal alleen, zonder dat iemand dat van mij vraagt of aan mij opdringt.

Welja.

De afgelopen dagen heb ik alle symfonieën van Mahler (weer) beluisterd en bekeken (dat schrijf ik niet op om chique te doen, ik hou gewoon van Mahler). Op Youtube staan ze allemaal in allerlei uitvoeringen, maar ik vind die van het Lucerne Festival Orchestra onder leiding van Claudio Abbado het mooist. (Ik ga dus niet uitleggen waarom.) Maar ik wil wel vertellen dat ik de stilte tussen de laatste klanken van de symfonie en het applaus soms nog het aller mooist vind.

Na het einde van de negende en laatste symfonie blijft Abbado twee minuten stil staan, ogen dicht en verder niets.

Niets. Stilte.

Stel je voor dat er dan iemand in beeld komt die uitlegt dat Abbado met gesloten ogen stil blijft staan en waarom hij dat doet en dat die daarna aan Abbado vraagt of hij het wel helemaal besefte en of hij kon uitleggen wat er nu was gebeurd. Die zouden ze waarschijnlijk met pek en veren besmeren en Lucerne uitrijden.

Waarom pikken we zoiets dan wel van een sportverslaggever? Ik weet het niet.

En waarom kunnen we sporters niet dezelfde eer bewijzen en hun hetzelfde respect tonen als Abbado? Weet ik ook niet.

Dus ik stel voor dat we dat voortaan wél doen, dat we sporters voortaan gewoon in alle rust alleen laten, tot ze weer bij ons terug willen komen. En als ze dat niet willen, ook goed. En als ze niks willen uitleggen, prima.

Misschien moet u maar geen sportverslaggever worden. Zijn er sowieso teveel van.

p.s. Hoe leuk is dit. Gewoon kijken en zelf zien wat er gebeurt zonder dat iemand het uitlegt.

Plaats een reactie

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.