Raam

Aan de overkant van de straat is een raam dat ik niet begrijp. Ik bedoel dat ik niet kan achterhalen bij welke voordeur het hoort.
Dat is irritant!
Ik heb me een ongeluk zitten puzzelen, net zo lang naar de gevel getuurd en kleuren van kozijnen met elkaar vergeleken tot ik zowat van mijn verstand ging en het misschien wel verdacht werd. Maar ik kwam telkens een voordeur te kort, of ik hield een raam over. Of andersom.
Rara, hoe kan dat?
Vroeg ik mij af.
Thornfield Hall in de Lombokstraat. Of Blauwbaards burcht!
Eek!
Ja, ik kon natuurlijk eens een praatje aanknopen met de overbuurman/-vrouw of met een van de 38 studenten uit de huizen daarnaast, en dan langs mijn neus weg naar dat raam vragen, maar laat ik eerlijk zijn, dat durfde ik niet.
Eh…
Goed.
Meer dan geheimzinnig was het raam niet. Er was eigenlijk niks aan. Geen licht of leven was erachter te zien. Een saai zwart gat was het.
Tot er op een dag zomaar opeens twee hele kleine katjes in de vensterbank zaten. Ze keken mij aan toen ik mijn gordijnen openschoof, net zo verbaasd over mij als ik over hen. En misschien vonden ze mijn raam wel net zo geheimzinnig als ik hun raam, dat door hen alleen maar geheimzinniger werd, want waar kwamen zij vandaan?
Misschien dat het raam toch bij het huis van mijn overbuurman hoorde. Hij leek me wel een kattenman. Dus ik mijn stoute schoenen aan toen hij zijn vuilniszak buitenzette. Maar hij wist van niks, integendeel hij hield helemaal niet van katten, want hij was er allergisch voor. Hij keek me aan alsof ik hem een onbetamelijk voorstel deed. Beledigd.
Dat had ik weer.
Weer binnen staarde ik pissig naar de katjes, die al hun verbazing kwijt waren en alleen maar blij om me te zien.
Dat maakte een hoop goed. Sterker nog, het maakte bijna alles wat me sindsdien overkwam weer goed. Geen tegenslag zo groot of ik lachte die weg als zij bij mijn weerzien tegen de ruit opsprongen.
‘Kijk, daar is die meneer weer!’ riepen ze dan.
Dacht ik.
Vond ik.
Dus toen ik vannacht wakker werd van gemiauw, stond ik meteen naast mijn bed. Of nou ja, dat kwam ook doordat een vrouw met een nogal zware stem in het Russisch met iemand aan het telefoneren was.
Het geheimzinnige raam stond open!
En de vrouw zat in de vensterbank!
‘Don’t speak Russian,’ zei een man. De vrouw had voor het gemak haar telefoon op de speaker gezet, zodat het gesprek met galm en al in de hele straat te horen was. ‘Speak English please.’
Dat deed ze. ‘They are in the street!’ riep ze. Ik keek naar beneden, het was waar. ‘No, I don’t know how.’ Dat wisten de katjes zelf ook niet. Ze keken bangelijk in het rond alsof ze net geboren waren. De straat was opeens drie keer zo breed.
Vervolgens deed de vrouw afwisselend in het Engels en in het Russisch live verslag van wat er met de katjes gebeurde. Niet zo heel veel. Op een auto na, die bij nader inzien toch onze straat niet in kwam rijden. Terwijl de katjes onwetend bleven zitten en de vrouw het uitschreeuwde van de angst.
Dat schoot niet op. Ik deed mijn kamerjas en sloffen aan en ging naar beneden. Met een beetje geluk kon ik zowel de katjes redden, als het raadsel van de kamer oplossen, want als ik die twee van de straat had geplukt (ze zouden mij vast en zeker herkennen als die meneer van de overkant), kwam de vrouw natuurlijk vanzelf ergens uit een van de deuren te voorschijn.
Zo gezegd zo gedaan.
Maar u snapt het al, het liep allemaal anders.
Het begon zoals ik mij had voorgesteld, de katten begroetten mij als een oude vriend, de vrouw kwam tevoorschijn – neem dat letterlijk, ze was er opeens, uit het niets – maar terwijl zij in haar peignoir ongemakkelijk dicht tegen mij aan kwam staan zodat ik de katjes in haar armen kon laten overstappen, verscheen haar Engels sprekende vriend ook opeens uit het niets.
‘Yes, I can see you now…’ zei hij.
Zijn stem echode luid, zowel in het echt als via het mobieltje van de vrouw, dat zij onder het schouderbandje van haar bh had gestoken. Ik schrok (van de telefoon) en deed snel een stap achteruit.
Foute reactie.
De man liep op mij af. De vrouw probeerde hem in het Russisch op andere gedachten te brengen. Tevergeefs.
Ik werd badend in het zweet wakker.
En nou weet ik nog niet hoe het met dat raam zit.

2 gedachten over “Raam

Plaats een reactie

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.