
Sinds een jaartje staat er regelmatig een mevrouw in de krant die boos kijkt. Soms komt ze ook op het journaal, en dan práát ze ook zo, heel grimmig. Ze vindt alle leuke dingen stom. Lintjes, pretparken en wat al niet meer. Laatst zei ze: ‘het is hier geen vakantieoord’. Je kon aan haar gezicht zien dat een ambtenaar dat woord voor haar had opgezocht.’
‘Hoe heet zoiets ook alweer, waar je heen gaat als je… eh… als je niet werkt?’ had ze gevraagd. En toen hadden ze ambtelijk subversief een woord gezocht in de zevende druk van de Van Dale (1950): ‘vakantieoord’.
Nou, ik ben blij dat dat hier geen vakantieoord is, want het klinkt als een grauwe camping met een hek eromheen waarbinnen het altijd waait en regent. Maar dat bedoelde ze natuurlijk niet. Nee, in de jaren 50 had vakantieoord een positieve vibe en daar is ze dus tegen. Tegen vrolijkheid. Het ging haar erom dat minderjarige asielzoekers goed moesten begrijpen dat er van blijdschap geen sprake kon zijn, dat ze niet de indruk moesten krijgen dat het hier leuk was.
Vandaar dat ze altijd zo nijdig kijkt. Ze denkt natuurlijk: als ik lach dan lijkt het net alsof er hier lol te beleven valt, alsof we te pas en te onpas op snoepreisjes gaan (ook een woord uit die zevende druk van de Van Dale.)
Meestal als zij in de krant heeft gestaan en/of op tv is geweest, komt er een dag later een meneer in de krant en/of op tv die zegt dat de mevrouw gelijk heeft. Die meneer kijkt ook altijd pissig. En hij bleekt zijn haar (soms zijn gezicht ook, om zijn gehele verschijning een beetje in evenwicht te houden, denk ik). Dat peroxidehaar is misschien niet belangrijk om te vermelden, maar ik moet het toch opschrijven, want het blijft me verbazen. Het schijnt dat hij het al sinds zijn 14e doet. Als hij in de media optreedt, zie ik hem in gedachten altijd met zo’n plastic badmuts op in zijn badkamer voor de spiegel staan terwijl het bleekmiddel intrekt. Zou hij dan wel vrolijk kijken?
De mevrouw en/of de meneer zeggen dat asielzoekers hier geen asiel maar geluk komen zoeken. Het zijn gewoon gelukzoekers zeggen ze op een toon alsof dat verwerpelijk is.
Het is natuurlijk de kift. De mevrouw en de meneer en iedereen in hun kielzog zijn al bij voorbaat jaloers op mensen die het zouden vinden. Geluk, bedoel ik. Hoe dom is dat? Want als mensen van heinde en verre in Nederland geluk komen zoeken dan is het kennelijk hier ergens en hebben wij de hele tijd met onze neus gekeken. Ik ken in ieder geval niemand die het gevonden heeft. Die twee chagrijnen van hierboven zeker niet. Maar in plaats van dat ze voorstellen om met z’n allen te gaan zoeken, sturen ze iedereen weg.
p.s. Dit schreef ik allemaal op 1 juni 2025. En ik wist niet of het einde goed genoeg was. Dus liet ik het even bezinken. Nu is het 5 juni 2025. Eergisteren heeft de meneer met zijn hele kielzog het kabinet verlaten. Ik hoop dat ze naar een vakantieoord zijn.
p.p.s. Best wel een goed einde.
p.p.p.s. De foto heb ik van Wikimedia commons geplukt: https://commons.wikimedia.org/wiki/File:Efteling_python_looping.jpg
Plaats een reactie