Ik word gek van dit bord!

‘Kleine Aa’ geschreven met een grote A?!

Ja, ik weet ook wel dat het officieel zo moet. Maar toch gaat dit niet goed in mijn hoofd.

Twee draadjes tegen elkaar (soort kortsluiting).

Onbehagen.

Een beetje verhoging.

Dus ik overweeg een brief aan het waterschap te sturen met de vraag om op alle borden ‘Kleine aa’ te schrijven. (Dus Aa met een kleine a.)

In de brief ga ik ook meteen om uitleg vragen over de kleine lettertjes linksonder: “bij calamiteiten” (telefoonnummer erachter).

Nee, ik ga niet flauw doen over de kleine b van ‘bij’.

(Doe dan ook een kleine a! Dacht ik.)

Het waterschap nodigt de lezer uit om te bellen bij een calamiteit. Ik heb zeker een kwartier staan nadenken over wat dat dan zou zijn, een calamiteit.

Ik probeerde een gebeurtenis te bedenken waarvoor ik geen 112 zou bellen, maar wel het waterschap.

Het eerste wat in me opkwam was een overstroming. Dat dus de kleine aa een grote Aa wordt. (Ja, er is eigenlijk al een grote Aa maar die heet gewoon Aa.)

Een overstroming is weliswaar een calamiteit, maar ik kon me niet voorstellen dat die zich zó snel zou voltrekken dat ík het water zou zien stijgen terwijl het waterschap nog van niets wist. Dus als ik dan ging bellen, zouden ze me vast uitlachen.

De tweede ramp waar ik aan moest denken was dode vissen. (Veel.)

Maar eh…

Hoeveel dode vissen zijn een calamiteit? Ik vind één al erg. Maar ga ik daar over telefoneren? Hm… massale vissterfte begínt waarschijnlijk niet massaal, maar heel onschuldig, met één dood stekelbaarsje of zo. Dus…

‘Zeg…’

Dat was Koala. Ze is niet zo’n denker. Laat staan een ‘alsmaar doordenker’. Meer een doener. Ze heeft ook niet veel woorden nodig. In dit geval was een blik genoeg.

Dus wij weer op pad. Of nou ja, pad… dat was niet meer te vinden. Dankzij de nitrofiele begroeiing.

Over calamiteiten gesproken.

Maar om daar nou over te bellen met het waterschap.

Toen we uiteindelijk echt niet verder konden, drong Koala toch op een telefoontje aan. Ze had heel praktisch het nummer onthouden.

dus terwijl ik vastzat in de tentakels van stikstof minnende gewassen, repeteerde ik in gedachten (en voor de lieve vrede) enkele varianten van het telefoongesprek dat ik nooit zou durven voeren.

Dat heeft Koala toen maar gedaan. Wel veel minder genuanceerd dan ik in gedachten had.

De mensen van het waterschap zijn nu boos. Dus ze gaan never nooit niet meer maaien dit jaar. En de Kleine Aa blijft gewoon de Kleine Aa.

Maar goed, ik durf daar toch nooit meer heen.

Plaats een reactie

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.